website metrics

 

  Menu

 

  Waarom?

 

  Geschiedenis

  indeling:

   Kano

   Kodokan

   Butokukai

   Judolegenden

   Nederlands judo

 

  Mind over Muscle

 

  Seiryoku Zenyo

  toepassingen:

     deugd

     orde

     strategie

     beheersing

     volharding

     kuzushi

    

  Jita Kyoei

  toepassingen:

     opvoeding

     respect        

     beschaving

     sportiviteit

     de 'dō'

     

  Judo-praktijk

  indeling:

     sport ?

     kata

     kumi-kata

     shiai

     arbitrage

     kinderjudo

     studie

     herbronning

 

  Koppelingen

 

  E-Cards

 

 

 

 

 

  

 

De 'dō'  - Jika no Kansei: judo voor gevorderden...

 

 

Indeling van deze pagina (klik op de tekstregels):

1. De ontwikkeling als judoka

2. Jika no Kansei: de ippon van het leven en de weg naar je eigen volmaaktheid

3. De laatste wens van Jigoro Kano Shihan

 

 

In het judo, leert de student allereerst de 'do', ofwel de weg om iemands leven te leven, met andere woorden: een levensstijl, en later leert hij de gepaste gevechtsvaardigheden voor beoefenen van judo.

 

Jigoro Kano, Judo Memoirs, p.15

 


 

1. De ontwikkeling als judoka

 

 

a. De Tao

 

Het idee dat judo een weg is, komt ten dele uit de Oosterse wijsheid van het Taoisme. Het Taoïsme streeft naar een vervolmaking en realisatie van het zelf. Dit wordt gerealiseerd door het volgen van de weg, de tao, of in het Japans (en Koreaans) de do.'. Dit is zoveel als een mystiek ervaringsproces van leren en leven tegelijk. Verschillende gevechtkunsten zijn opgebouwd uit enkele karakters plus het woord do in hun naam, zoals ju-do, tae-kwon-do, aiki-do. Het zoeken van de tao of do is in de Oosterse denkwijze een levenslange weg, een proces dat eigenlijk nooit als afgerond mag worden beschouwd.

Voor Kano en de judoka was deze weg echter meer een aards gegeven, zoals bekend uit het neo-confucianisme. De weg is niet de weg naar een hemel(zoals bij het boeddhisme) noch naar onsterfelijkheid (zoals vaak bij het zuivere taoïsme). Deze filosofie legt de nadruk op het vinden van zelfontplooiing en het sociale element van de mens (in tegenstelling tot het zuivere taoïsme, dat afkerig is van deze wereld). Dit sociale element wordt (evenals bij het vroegere confucianisme) vervuld in de verantwoordelijkheid van de mens voor de jita kyoei. Jigoro Kano beschouwde daarnaast de gevechtskunst judo met als leidraad het energiezuinige seiryoku zenyo als het middel om de weg naar de vervolmaking te gaan.

 

Maar niet alleen het Oosten heeft beseft dat een mens nooit klaar is met zichzelf. In de hele geschiedenis van de wereld en de wijsheid van alle tijden, zien we beelden van ontwikkeling, vordering. In feite is de basis van het Westers denken vanuit het christendom eveneens gebaseerd op de notie dat we op weg zijn en doorheen beproevingen op een bestemming aankomen.

 

b. Kano Shihan

 

Jigoro Kano heeft zelf eveneens een weg bewandeld en een hele persoonlijke ontwikkeling doorgemaakt. Hij begon als jong jūjūtsu-beoefenaar en eindigde als wereldburger en wereldverbeteraar. Het is de vraag of hij in 1938 nog veel op de tatami stond. Hij trad meer op om de principes en idealen van de Jita Kyoei - een ideaal dat hij pas na 1922 zo uitdrukkelijk formuleerde - te promoten.

  • De tiener en twintiger. De jonge Kano ontwikkelde eerst zijn technieken, van de jonge en schuchtere puber die zichzelf wilde kunnen verdedigen, tot de krachtige jongeman. Eerst in de Kito Ryu, en later in 'zijn' Kodokan. Hij was in de bloei van zijn leven en de nadruk lag op de fysieke kant van het judo.

  • De twintiger en dertiger. De jonge ambtenaar Kano oefende nog steeds zijn judotechnieken, maar dankzij zijn studie, ervaringen en werkkringen, had hij daar ook minder tijd voor. Bovendien kwamen de opvoedkundige idealen steeds duidelijker op de voorgrond: de nadruk lag op judo als nationale lichamelijke en intellectuele opvoeding, gesteund door de eerste morele principes.

  • De veertiger. Kano maakte zijn eerste grote reizen en had zijn eerste topfuncties in de diplomatie. Op 48-jarige leeftijd wordt hij lid van het IOC, en in dezelfde tijd worden de principes van seiryoku zenyo (en alles wat daarmee samenhangt in de volle omvang van intellectuele, morele en fysieke opvoeding) beschreven. De nadruk ligt nu op judo en zijn principes.

  • De vijftiger en zestiger. Kano is nu helemaal gefocusd op zijn grotere missies en het mag niet verwonderen dat hij zich steeds verder ontwikkelt tot de spreker, diplomaat, professor. Zijn internationale contacten maken hem tot meer dan een judoleraar: hij wordt de Grote Sensei voor meer dan alleen zijn leerlingen in de Kodokan. Als hij 61 is, wordt de Kodokan Culturele Associatie opgericht, met als doel de Jita Kyoei. De nadruk ligt nu op de grote idealen.

  • De zeventiger. De oude Kano sterft op 77-jarige leeftijd. Een oude man. Vol van zijn missie. judo als wereldideaal, vlak voor de oorlog die zijn vaderland zo zal schaden. Een man met wijsheid, maar ook desillusies. judo was voor hem in het esthetische stadium aangekomen:

Tenslotte wil ik nog een paar woorden wijden aan het emotionele stadium van het judo. We zijn ons allemaal bewust van de prettige gevoelens die de oefeningen opwekken in onze zenuwen en spieren, en we hebben ook plezier van het verkrijgen van vaardigheden, bij het gebuik van onze spieren, en ook door het gevoel van superioriteit over anderen in de wedstrijd. Maar behalve deze genoegens is er ook een liefde voor schoonheid en verrukking uit te destilleren, als we kunnen waarnemen hoe mooi gedrag is en hoe fraai bewegingen worden uitgevoerd, ook als we dat bij anderen zien. De oefening daarin, samen met het plezier dat we ondervinden als we bewegingen zien die verschillende ideeën uitdrukken, vormt wat we noemen het emotionele of esthetische stadium van het judo.

(Jigoro Kano: de betekenis van judo voor de opvoeding, 1932, op 71-jarige leeftijd...)

Zo ging het met de O Sensei. Op het laatst lijkt het wel alsof hij vooral nog naar judo kan kijken.

 

Hoe vergaat het ons judoka als we ouder en stijver worden? De Sensei uit mijn jeugd (geboren 1932) is inmiddels ook een zeventiger. Lichamelijke beperkingen maken dat hij nooit meer op de mat zal staan zoals ik hem kende in de tijd dat ik mijn eerste uki-goshi bij hem trainde. Er komt het moment dat hij zich net als Kano de vraag zal stellen: "ben ik door judo tot een betere mens geworden, wat heb ik bijgedragen aan de ontwikkeling van de wereld?" Is dat niet de weg van ons allen?

De waarde van iemand wordt bepaald door wat iemand tijdens zijn leven heeft bijgedragen aan de samenleving.

(Mind over Musle, p. 92)

 

 

c. Oudere judoka

 

Judo is een levensweg. Maar het is een illusie om te menen dat je daarin altijd dezelfde blijft. Mitesco kan met ontzettend veel plezier kijken naar de inspanningen van jonge judoka die zich helemaal geven in een toernooi voor de min-vijftien. Maar als hij met ze praat en verneemt dat ze nog nooit van Mifune hebben gehoord, maar wel net een ippon hebben gescoord; dan weet hij dat er een wereld van verschil ligt tussen zijn eigen judowereld en die van de twaalfjarige. Wat de jonge jongen op de mat klaarspeelt, zou uitputting en blessures betekenen voor de veertiger. Maar als hij als veertiger een minuut later spreekt met een oude rot van zestig die na twee hartaandoeningen vooral nog zijn wijsheid deelt, of op het Judoforum leert van de ervaringen van grote mannen met de zevende en achtste dan, dan voelt hij zich fit en tegelijk heel klein. Want dan spreekt de ervaring van een levenslang judoleven tot hem. Zo is het leven, zo is de judoweg. Een .

 

Eén van die oude wijzen in de judowereld zegt dan ook uit ervaring:

De focus van judo is om te werken aan "wereldvrede", zo zegt de Shihan [Kano] zelf. Dat klinkt vreemd in eerste instantie en dat moet ook. judo is een werk in uitvoering en je kunt nooit het voltooide product (onszelf) zien, tenzij je het werk voltooid hebt. Sommige dingen kun je niet uitleggen met woorden, die móet je gevoeld en ervaren hebben.

 'Sensei Mike Hanon', Judoforum 20-4-2008

 

 

De meest actieve schrijver op het Amerikaanse Judoforum is een oude judoka, die zijn wijsheid nu dagelijks deelt met de jongere forumleden. Niemand weet hoe hij heet, maar hij noemt zich Cichorei Kano. Hij vertelt over de ontwikkeling van een judoka:

Het doel van dat moment [het beginstadium, M.] was - aangezien dat alles was wat we konden bevatten - het verslaan van je tegenstander, maar het echte doel was om je technieken te ontwikkelen. Daarna kwam de evolutie automatisch. Het moment dat je meer kon dan winnen door slechts een koka, wilde je winnen met ippon. Daarna wilde je winnen met een mooie techniek. Nadat je dat had bereikt, wilde je dat je die techniek zonder veel krachtsinspanning kon doen. Voor je het wist was zelfs de techniek niet het eindpunt, maar de manier waarop je hem toepaste, en je begon te begrijpen wat jū werkelijk betekent en op het laatst wilde je niet anders dan jū in elke techniek. Uiteindelijk ging je begijpen wat de jū-no-kata betekent, en je werd erg oud en helemaal geobsedeerd en je probeerde zelfs Itsutsu en Koshiki te begrijpen. De overwinningen kunnen een obsessie zijn voor wie ze niet heeft meegemaakt, maar geloof me: dat effect blijft niet lang. Voor je het weet ben je aan het trainen voor het volgende kampioenschap, en als je goud won en de laatste keer naar huis ging met zilver of brons, ben je een teleurstelling ondanks je vrienden en je district die pathetische pogingen doen om het publiek te overtuigen dat je het geweldig gedaan hebt. Niemand zal openlijk ontkennen dat je dat bent, maar hun bewondering zal uitgaan naar degene die jou heeft verslagen en wel goud heeft gewonnen. Als je niet die super-atleet bent zoals Okano, Ruska, Geesink, Tmenov, Ryoko Tamura en een paar anderen die constant met goud thuiskwamen, zal je snel vergeten zijn. Als die overwinningen je judodoel waren... stop ermee als je dertig bent, want judo zal je dan niets meer te bieden hebben.

"Sensei Cichorei Kano", Judoforum 5-5-2008

 

Als judo een leven lang meegaat, dan komen er dus steeds nieuwe idealen bij. In eerste instantie zijn die idealen nog binnen de techniek van het judo te vinden, van shiai naar kata, van harde overwinningen naar perfecte zachte technieken, maar uiteindelijk komt er aan alle inspanningen op de mat een einde. Jigoro Kano wist wat hij verder moest doen met zijn judo. Anderen worden trainer, scheidsrechter, judovader/-coach, of bondsbobo. Weer anderen blijven rustig op de mat wat doen, in hun eigen tempo, zolang hun gezondheid het toelaat. Of ze blijven kijken en genieten van mooi judo, en de wijsheid die er in verborgen ligt. Of ze zoeken de weg van de idealen in het alledaagse leven. Zoiets als deze Mitesco-pagina propageert...

 

Zelfs als judo niet [meer] wordt beoefend in de vorm van kata en randori, zolang de betekenis wordt begrepen, kan iedereen het leven beleven dat de doelen van het judo vervult. (Mind over Muscle, p.94)

 

 

 

 


 

 

2. Jika no Kansei: de ippon van het leven en de weg naar je eigen volmaaktheid

 

 

a. Volmaaktheid

 

Jika no kansei was de derde judodoelstelling van Jigoro Kano naast de seiryoku zenyo en de jita kyoei. Het betekent: streef naar de perfectie van jezelf als totale persoon die je bent. Wat betekent dat concreet?

De waarde van iemand wordt bepaald door wat iemand tijdens zijn leven heeft bijgedragen aan de samenleving. En omdat deze bijdragen degenen die ernaar streeft om zichzelf te vervolmaken en dit te bereiken daartoe in staat stelt, is het doel van judo ook om jezelf te vervolmaken zodat je kunt bijdragen aan de samenleving. (Mind over Muscle, p.92)

 

In de jeugd is de perfectie vooral een kwestie van soepel leren. En zelfvertrouwen opbouwen; je eigen plaats in je leven en je eigen omgeving bijna letterlijk leren bevechten. Technieken ontwikkelen (binnen en buiten het judo) van aanval en verdediging als mens. Positie bepalen. En daarmee je eigen identiteit ontwikkelen.

 

In de volwassenheid heeft een mens als het goed is niet meer dat 'strijdbare' in zich. Alles wordt rustiger, en dat is niet alleen een kwestie van lichamelijkheid, hormonen, of het eerste begin van de lichamelijke aftakeling (welke gemiddeld begint rond de 30). Topsport na de 30 is daarom bijna een grote uitzondering. Wijsheid begint dan wel vorm te krijgen - als het goed is.

 

De idealen van het judo zoals deze webpagina die beschrijft, zijn meer de morele idealen voor de gevorderden (30+) en de sportieve idealen voor de oudere sportbeoefenaars. Voor de judoka onder de twintig moeten de idealen worden verteld op een mildere manier, met meer nadruk op sportiviteit dan op moraal. En de toepassing van het judo met de technische perfectie? Eigenlijk zouden de oorspronkelijke principes van kuzushi, ju, seiryoku zenyo al in het eerste stadium van de training moeten worden aangeleerd, maar ja... zeker bij jongens is judo in de kinderjaren toch vaak meer snelle actie, een soort stoeien dat steeds meer orde krijgt, maar nog niet meteen mooie judotechniek wordt. Dat vraagt toch wat meer abstractievermogen.

 

Opvoeding van kinderen en volwassenen is echter een stapsgewijs groeien in wijsheid. Dat is zo in het leven, waar een groot wiskundige pas alle formules kan toepassen na een universitaire studie, terwijl hij eerst in zijn jeugd de tafels heeft geleerd. Zo kan de judoka ook pas alle fijne kata's leren als hij eerst begonnen is met ukemi en een uki-goshi. Zo kan een gevorderde judoka de principes van ju pas toepassen als hij ze van de mat kan abstraheren naar het dagelijks leven. Als het goed is, groeit dat vanzelf.

Neil Ohlenkamp zegt daarover:

"De lichamelijke training leidt op een natuurlijke manier tot het waarderen van de hogere principes."

In de praktijk betekent het, dat de judoka vanuit het lichamelijke stadium naar het intellectuele stadium groeit, naar het morele stadium, naar het esthetische, de pure schoonheid. (zie ook: menu 'opvoeding', nr 4: De bijdrage van judo aan de opvoeding) Zo worden de judoka van sportieve, krachtige winnaars, tot krachtige verdedigers van de menselijkheid, voor hun eigen welzijn en dat van de hele samenleving.

We hebben nu vastgesteld wat de drie aspecten van judo zijn: training voor de verdediging tegen een aanval; cultivering van geest en lichaam, en je energie optimaal gebruiken. We hebben ook vastgesteld dat het hoogste doel van judo is: jika no kansei, de perfectie van de eigen persoon, met als hoogste doel de perfectie van de samenleving. Om het duidelijk te maken: We plaatsen het eerste - de training om je tegen een aanval te verdedigen, onderaan en we noemen dat: judo op het laagste niveau. Laten we de training in cultivering, wat bijproducten zijn van de training voor de verdediging tegen een aanval, judo op midden-niveau noemen.  De studie hoe iemand zijn energie ten dienste kan stellen van de samenleving noemen we judo op het hoogste niveau. Als we judo verdelen over deze drie niveau's, kunnen we zien dat het niet beperkt is tot de training voor het gevecht in de dojo, en zelfs als je je lichaam traint en je geest cultiveert, kun je niet bijdragen aan de samenleving als je niet een niveau hoger gaat. Het maakt niet uit wat voor een geweldig persoon je bent, hoe superieur je intelligentie, of hoe sterk je lichaam, als je doodgaat zonder iets bereikt te hebben, geldt het spreekwoord: "een schat die je niet hebt gebruikt, heb je weggegooid." Je kunt zeggen dat je jezelf hebt vervolmaakt, maar er kan niet gezegd worden dat je hebt bijgedragen aan de samenleving. Ik benadruk dat allen die aan judo doen, erkennen dat het bestaat uit deze drie niveau's en om te trainen zonder het ene of andere aspect te verwaarlozen.

(Jigoro Kano: Mind over Muscle, p.94-95)

 

Op die manier kan iedere judoka judo beleven op het niveau waar hij staat in zijn ontwikkeling. Kinderen doen heel goed judo in het eerste stadium. Maar als volwassenen daar in blijven steken, is er iets niet goed gegaan. Hoe ouder men wordt, hoe perfecter men zou moeten worden in de judogeest. Lichaam en geest worden steeds meer één.

 

 

b. De ippon van het leven of een koka-leven?

De kick om iemand te werpen voor de ippon moet je hebben gevoeld om het te begrijpen. Al dat werk en training in de dojo om dan het kampioenschap binnen te stappen en goed te vechten, en te winnen of te verliezen door een grote, heerlijke, zuivere ippon is een geweldig gevoel. De gedachte om iemand naar de grond te trekken en al dat soort rotzooi, hoe zou ik me voelen om zo de tatami te verlaten? Wat zou dat kampioenschap dan waard zijn? Het is zoveel meer dan door te winnen door een koka of slechte waza in het judo, net als in het leven zijn er die het maar wat bij elkaar schrapen met een koka-leventje, maar er zijn er ook die trainen voor de ippon en die geest leeft in de judoka door heel zijn leven, ongeacht waar hij zich aan geeft, een soort passie voor alles wat iemand doet.

'Sensei Mike Hanon' Judoforum 18-7-2008

Als een jongen van twaalf een ippon scoort, is dat op de tatami. En dat moet worden aangemoedigd. Want ook al op die leeftijd zijn er luie judoka die liever met gestrekte armen proberen in de golden-scoretijd een kokaatje (tegenwoordig dus een yukootje) te scoren en zo de beker te pakken. Dat zullen wel dezelfde lamballen zijn die op school hun huiswerk laten zitten en tevreden zijn met een zes-min op hun rapport. Nu moeten niet alle kinderen irritante strebertjes worden, maar ijver (mits met de mate van seiryoku zenyo) is niet verkeerd. Op de mat ga je voor de ippon, de perfecte techniek en anders moet je geen wedstrijdjudoka willen zijn.

 

Als een judoka ouder wordt, dan heeft hij geleerd van zijn jeugd-ippons. Hij voelt niet alleen omwille van de beker dat het goed is om voor de ippon te gaan, maar zoals Sensei Hanon zegt, ook omwille van je eigen gevoel van volmaaktheid. Je wilt gewoon niet voor minder gaan. Je voelt jezelf, als mens en judoka, tekortschieten als je met yuko ook tevreden bent. Dat streven, dat vertaalt zich door het hele leven. Je oefent ervoor op de tatami en in shiai. Maar de echte wedstrijd is in je werk, je gezin, je vriendenkring, je buurt. Je wilt passie hebben, harstocht, liefde, toewijding, er voor gáán - zoals we tegenwoordig zeggen. Voor minder doen we het niet.

 

Die houding van passie en toewijding, dat is in de shiai van het leven, dat je alles wat je doet met maximale efficiëntie en de grootst mogelijke ijver volbrengt. De scheidsrechter van ons leven zal als alles voorbij is, zijn hand omhoog heffen, en voordat je dit leven verlaat het volle punt toekennen...

 

 

c. Als je dan oud en wijs bent geworden...

 

Als je dan oud bent, kun je ook wijs geworden zijn. Iemand die dat geworden is, een zeventiger uit Californie, zegt dan het volgende:

Judo heeft verschillende betekenissen voor ieder van ons gedurende een leven van oefening. Dit is waar voor alles wat we doen in het leven En zelfs als we niet meer op de tatami kunnen staan, om valbewegingen te kunnen nemen, of worpen te kunnen toepassen, kunnen we doorgaan met judo in onze fantasie, nadenken over de filosofie er achter, de vaardigheden bewonderen van degenen die nog steeds wedstrijden doen, en het beetje dat we hebben geleerd delen met degenen nog steeds in staat zijn, met hun lichaam en geest.

Een van mijn boeddhistische leraren zei eens, dat er drie belangrijke gedragingen zijn in het leven: dankbaarheid voor het verleden, dienstbaarheid in het heden, en verantwoordelijkheid voor de toekomst. Hij ging door met de diepere betekenis daarvan uit te leggen. judo geeft de beoefenaar de gelegenheid al deze drie gedragingen uit te voeren. Weinigen van ons begrijpen dit als ze jong zijn en willen winnen in het toernooi. Degenen die ouder worden hebben een verantwoordelijkheid tegenover degenen die we onderwijzen (dienstbaarheid) en vinden een weg die hen in staat stelt te profiteren van hun judo lang nadat hun athletische mogelijkheden verdwenen zijn, waarop ze kunnen genieten van de voordelen van wat ze hebben geleerd in de overvloed van hun jeugd.

Richard Riehle, Judoforum 24-4-08

 

 

Hij is gekomen tot de perfectie van zijn eigen zelf door zijn levenslange judoweg...

 

 

Judo is een werk in uitvoering en je kunt nooit het voltooide product (onszelf) zien, tenzij je het werk voltooid hebt.

'Sensei Mike Hanon'

 

 

 

 

Ontwikkel jezelf, zoveel als je kunt
Opdat jij en anderen harmonieus kunnen leven

 

 

 


 

3. De laatste wens van Jigoro Kano Shihan:


 

"Judo is de weg van Maximale Efficientie.

De ware betekenis van deze Weg is het begrijpen van zijn ascetische oefening in aanval en verdediging,

wat discipline geeft aan lichaam en ziel.

Op die manier is het belangrijkste doel van judo-oefening de persoonlijke ontwikkeling,

en uiteindelijk het welzijn van de samenleving."


*** dank aan JudoSensei Neil Ohlenkamp voor de Engelse vertaling. Bron. Judoinfo.com.

 

 

 

 

平和 - heiwa - pax - peace - vrede 

Een kleine inspanning voor de vrede.

Laat het niet uitdoven!

 

 

 

klik om te reageren

op mitesco 

       

Dese site is geoptimailseerd voor gebruik

door MS IE7 of Mozilla Firefox 2.x

Resolutie 1024x728 pixels.

© MITESCO.NL     2008-2009

Alle rechten voorbehouden.