|
Deugden
- bijna een doel op zich
De
deugdenleer van Jigoro Kano is het toppunt van ethiek. Als ergens
duidelijk wordt wat hij bedoelt met morele en intellectuele opvoeding,
is het wel op dit punt.
Aan de ene kant is morele
opvoeding een kwestie van kennis. Dat wil zeggen, het is nodig
om met je verstand te weten wat goed is en wat kwaad is. Het is ook
nodig om het vermogen op te bouwen om onderscheid te kunnen maken
tussen goed en kwaad in verschillende complexe situaties. (...)
Aan de andere kant is
morele opvoeding een kwestie van emoties. Ook als je in staat
bent met je verstand goed en kwaad te onderscheiden, zul je niet in
staat zijn om het goede te doen en het kwade te laten als je niet
emotioneel getraind bent om te willen wat goed is en niet te willen
wat slecht is.
Maar zelfs als je probeert
het goede te doen en het kwade te verwerpen - als je wilskracht
zwak is, zal het tegenovergestelde resultaat worden behaald. Daarom is
de training van de wil ook een onderdeel van de morele opvoeding. Een
zwakke wilskracht kan tot gevolg hebben dat je niet kunt doen waarvan
je weet dat het goed is, of de onmogelijkheid om tegen te houden
waarvan je weet dat het verkeerd is.
Het is dan ook belangrijk
om niet overhet hoofd te zien wat de betekenis van de gewoontes
zijn. Zelfs als je de bedoeling hebt om het goede te doen en niet de
gewoonte hebt ontwikkeld om het ook daadwerkelijk te doen, zullen de
beste intenties gemakkelijk falen. Zelfs de beste intenties om
het kwade te verwerpen kunnen mislukken als je niet de gewoonte hebt
om zo te handelen. Om die reden moet je er aan werken om goede
gewoontes te cultiveren, het goede te beminnen, en het slechte te
verwerpen, de hele dag door. (Jigoro Kano, Mind over Muscle, p. 68-69)
Kano heeft hier de belangrijkste punten helemaal helder in beeld.
Moreel opvoeden en juist handelen dus hangt af van:
-
kennis van goed en kwaad
-
emoties trainen en beheersen (zie ook in menu onder 'beheersing')
-
wilskracht sterken (zie ook menu volharding)
-
goede gewoontes vasthouden en blijven doen.
Die goede gewoontes, met gemak en overtuiging in de praktijk gebracht,
noemen we vanouds een 'deugd'.
Moraal (dotoku)
moet altijd intellectueel (chiteki), en met gevoel (joteki)
en door de gewoonte (shukanteki) gevormd worden. (Jigoro Kano,
1927, KJT 5, 387)
De ontsporing van de
gemeenschappelijke moraal vandaag de dag is in de eerste plaats het
gevolg van het ontbreken van nadruk op de deugden. Ik geloof dus, dat
degenen die aan judo doen zich heel bijzonder moeten toewijden aan
deze zaken en de tegenwoordig zo vergeten publieke moraal moeten
herstellen. (Mind over Muscle, p.105-106)
1. Deugdenleer
Een klassieke definitie is:
De deugd is een
levenshouding, een vaste gesteltenis, om het goede te doen. Ze maakt
het de mens mogelijk, niet alleen goede daden te stellen maar ook het
beste van zichzelf te geven. De deugdzame mens streeft naar het goede
met al zijn zintuigelijke en geestelijke krachten. Hij streeft het na
en kiest ervoor in concrete daden. Het worden standvastige houdingen,
stabiele gesteltenissen, vervolmakingen van het verstand en wil, die
tot levenshoudingen worden, onze daden regelen, onze hartstochten
ordenen en ons gedrag leiden volgens de rede. Ze verschaffen gemak,
beheersing en vreugde om een moreel goed leven te leiden. De deugdzame
mens is hij die in vrijheid het goede doet.
In
aansluiting op de deugdenleer van Jigoro Kano is het misschien goed om
in het algemeen iets te zeggen over deugden zoals wij die vanuit het
westen kennen. Kano kende deze leer zo te lezen erg goed. De Griekse
filosoof Plato kent aan vier deugden een hele bijzondere plaats toe. Ze
worden ook wel 'kardinale deugden' genoemd (kardinaal = ze hebben een
spilfunctie.)
-
verstandigheid - de wijsheid die alles
(doel en middelen) in de juiste maat ordent. (zie ook menu 'orde')
-
moed - de innerlijke standvastigheid en
volharding om te handelen (zie ook menu 'strategie')
-
matigheid - evenwicht in verlangens en
emoties (zie ook menu 'beheersing')
-
rechtvaardigheid - iedere mens krijgt
waar hij recht op heeft: vrede, harmonie, vrijheid, algemeen welzijn.
Over de eerste drie kardinale deugden spreekt Kano veel en je hebt ze
bij judo ook per se nodig. Rechtvaardigheid is wat anders. Dat is bij
Kano bijna een doel op zich, je zou het als een morele weg naar de
jita kyoei kunnen beschouwen. Het gaat daarbij ook niet om een
individuele houding, maar een houding die betrekking heeft op de orde
tussen mensen en de samenleving. De rechtvaardigheid is als het ware de
absolute norm voor goed en kwaad.
Kano sluit aan bij de deugdenethiek van het westen (die hij kende vanuit
zijn contacten met westerse filosofen). Volgens Aristoteles is een
deugdenleer altijd doelgericht (met een
moeilijk woord: teleologisch). Bij Kano is dat doel van menselijk leven
de jita kyoei, en de vervolmaking van de mens als persoon in
relatie tot de samenleving en de wereld. Het grootste geluk is als je
een waardevol persoon bent geworden, iemand die iets goeds heeft kunnen
betekenen voor anderen. De deugd is een manier waarop het doel wordt
bereikt.
2. Wilskracht en motivatie
Belangrijk voor een judoka en voor elke mens is:
motivatie. Je kunt nog zo'n mooie ethiek of moraal onderwijzen,
maar je hebt niets aan deugden als de leerlingen ze niet willen
toepassen. Daarom ook niet alleen onderwijs, maar vooral opvoeding.
Opvoeding is meer dan leren. Het is het motiveren tot een levenshouding.
Dat was dus volgens Jigoro Kano de belangijkste taak van het Kodokan
(judo).
Tegenwoordig wordt er veel gesproken over normen en waarden in de
opvoeding. Alsof het dat alleen is.
-
Normen zijn objectief. Het zijn een soort
wetten, stellen grenzen. Ongemotiveerde mensen zoeken die grenzen op -
om ze te overschrijden.
-
Waarden zijn subjectief. Het belang is
wat iemand er zelf van vindt. Ongemotiveerde mensen halen door een
lage waardering normen onderuit en relativeren hun belang.
Daarom is het trainen van motivatie en wilskracht zo belangrijk. Deugden
helpen daarbij. Omdat deugden de weg wijzen naar een concreet doel en
zelfs voor luie of egocentrische mensen inzichtelijk maken dat je er
beter van wordt, kunnen deugden motiveren. Deugden zijn bovendien
controleerbaar aan te leren, en scheppen voldoening als iets goeds wordt
bereikt. Ook vanuit het opvoedkundige element "inspanning - beloning"
hebben ze dus waarde.
De
rechtvaardigheid (de jita kyoei) als doel van alle deugden ordent
het streven van mensen. Het is de norm voor goed of kwaad. Je kunt
namelijk ook heel erg gemotiveerd zijn om met veel verstand en moed
slechte doelen te stellen. Dat is de drijfveer van criminelen die
medemensen doden, en tirannen die ten oorlog trekken. Maar ook sommige
judoka vechten op een oneerlijke manier, door alleen te willen winnen,
zelfs met vuile methoden. Zeer gemotiveerd, alleen is hun moed en
verstand op het verkeerde gericht. Dan is de objectieve orde van het
algemeen menselijk welzijn van belang, weergegeven in de principes van
jita kyoei. Wie zijn deugden daarop afstemt is in de ware
betekenis: ‘van goede wil’. Een goede intentie
is dus vreselijk belangrijk. Goed is niet wat goed voelt, maar wat
genormeerd is door het doel. Iets anders moet je niet willen.
De
motivatie om met de deugden tot het doel te komen, moet van binnenuit
komen. In de dojo en in het leven doen we het goede niet omdat het moet,
maar omdat we met ons verstand inzien dat die weg verreweg de beste is
en we met ons hart voelen dat we daardoor gelukkige mensen zullen zijn.
Op die manier is de ethiek van de deugden (wat Kano noemt) echte
"zelfverwerkelijking" , een weg, een levenskunst.
3. Deugd en seiryoku
zenyo
Wat hebben de deugden te maken met het principe van seiryoku zenyo?
Horen ze niet thuis bij de jita kyoei?
Het antwoord is: natuurlijk hebben de deugden te maken met de jita
kyoei, want ze brengen dat doel dichterbij.
Deugden scheppen echter vooral orde in de middelen om bij het doel te
komen. Deugdzaamheid is: door herhaalde
training maakt de mens zich een aantal fundamentele bewegingen en
houdingen eigen die hem helpen om zijn doel zo efficient mogelijk te
bereiken. Wie leeft zonder deugden, leeft zonder structuur of principes.
Vaste structuur en motivatie zijn nodig om efficient te kunnen werken.
-
Als een bedrijf dat bijvoorbeeld vrachtwagens assembleert, geen
duidelijke en gestructureerde opzet zou hebben bij de lopende band,
werden de trucks niet in de juiste volgorde in elkaar gezet, wat veel
extra arbeid en energie kost. Handelen volgens de principes van
assembleren helpt om efficient en kostenbesparend trucks te bouwen.
-
Als een judoka elke o soto gari op een 'nieuwe' manier wil
uitvoeren, en zomaar wat met zijn been zwaait, de ene dag zus, de
andere dag zo, leert hij de worp nooit. Dat kost veel extra energie.
Trainen volgens de principes van judo helpt hem om de worp beter en
efficiënter aan te leren.
-
Als een mens naar zijn doel toewerkt, en daarbij de ene dag dit doet
en de andere dag dat, moet hij zichzelf steeds weer hernemen en
eigenlijk elke keer het wiel uitvinden. Dat kost veel extra energie.
Deugdzaam handelen volgens principes kan hem helpen efficienter zijn
doel te bereiken.
Jigoro Kano leert dan terecht dat, als we judo consequent en deugdzaam
beoefenen, we leren om op de tatami en in het gewone leven met
meer gemak en zo min mogelijk inspanning ons doel te bereiken. Op die
manier zijn deugden een deel van de leer over seiryoku zenyo.
De judoka moet
zijn geest in orde maken, nooit angst voelen, nooit zijn beheersing
verliezen, zichzelf nooit laten gaan. Hij moet cool en kalm
blijven, maar niet wegdromen. Hij moet handelen zo snel als zijn
gedachten gaan, aangepast aan de omstandigheden. Hij moet behendig en
vrijpostig zijn in aanval en verdediging.
Sakujiro Yokoyama en Eisuke Oshima
"Geestelijk zijn"
kan zowel ethisch als religieus worden geïnterpreteerd, maar judogeest
gaat abosluut samen met rechtvaardigheid en is niet te verenigen met
onrecht. Dus de techniek volgt per se het principe van de moraal. Welnu,
rechtvaardigheid betekent: uitgebalanceerd zijn, geestelijk en
lichaamelijk. Onrecht of onrechtvaardigheid betekent niet in
balans zijn. Dat is gemakkelijk te begrijpen want als de geest in
harmonie is met het verstand, is je humeur zuiver en kun je totaal vrij
handelen. Daarom, "ju" of met andere woorden "door niets worden
verstoord", is: tolererantie of vrede stichten. (...)
Het is oppervlakkig
om te denken dat judo zomaar een individuele zaak is, omdat het zich
afspeelt tussen twee personen. Echt judo betekent: de manifestatie van
verstandigheid en niet alleen van fysieke kracht. judo-waarheid laat
geen onrecht toe en is alleen maar in overeenstemming te brengen met het
ontwikkelen van een wereld die er uitziet als een vredig en mooi
menselijk, samenwerkend lichaam
Kyuzo Mifune
naar boven

|
klik om te reageren
op mitesco |
 |
|
Dese site is geoptimailseerd
voor gebruik
door MS IE7 of Mozilla
Firefox 2.x
Resolutie 1024x728 pixels.
©
MITESCO.NL
2008-2009
Alle rechten voorbehouden.
|
|